- Toelichting
-
Opiniërende Raadsbijeenkomst
Agendapunten
-
0
Agendadocumenten
Bijlagen
-
1
Bijlagen
-
2
Bijlagen
-
3Spreekrecht over een niet eerder geagendeerd onderwerp
-
4
In de raadsvergadering van 22 januari 2015 is de raad een discussienota over deregulering toegezegd zodat bekeken kan worden of de APV gedereguleerd kan worden. Deze discussienota is nu beschikbaar en gaat onder andere in op wat deregulering is en wat andere sturingsvormen zijn. Daarna stelt het college aan de raad de vraag om heldere kaders aan te geven waarbinnen het college in de APV invulling kan geven aan deregulering. Deze vraag wordt geconcretiseerd door de raad te vragen op een schaal van 1 tot 5 aan te geven welk gewicht de raad toekent aan de categorieën van APV-bepalingen. Na de bespreking van dit onderwerp in de Opiniërende Raadsbijeenkomst gaat de griffie een document samenstellen dat de discussie van 28 januari samenvat, waarover de raad kan besluiten en wat het college kan gebruiken voor de nadere invulling van deregulering in de APV. Het onderwerp zal vervolgens voor besluitvorming geagendeerd worden op 3 maart 2016.
Bijlagen
-
5
Op 22 januari 2015 heeft de raad het college via een motie verzocht een werkbaar protocol bijtincidenten vast te stellen. De motie is ingetrokken door de toezegging van burgemeester Metz om in een notitie aan te geven wat de gemeente kan doen aan preventie, naast het huidige protocol bijtincidenten. Het college van b en w is bevoegd en voornemens om beleidsregels op te stellen hoe om te gaan met gevaarlijke honden. Daarnaast is een notitie opgesteld waarin aangegeven wordt wat de gemeente kan doen aan preventie om bijtincidenten te voorkomen. Het college vraagt de raad zijn opinie te geven over de twee documenten alvorens een besluit te nemen. In de beleidsregels is nu opgenomen welke werkwijze gevolgd wordt bij ernstige en minder ernstige bijtincidenten. In de notitie “preventie bijtincidenten” is opgenomen dat de gemeente zelf actief voorlichting kan geven over de consequenties van het aanschaffen van een hond, het voorkomen van (bijt)incidenten door het volgen van opvoedcursussen en het leren van “hondentaal” om een goede baas-hond verhouding te bevorderen. Op 4 februari 2016 besluit de raad over dit onderwerp.
Bijlagen
-
6
De gemeente Soest heeft geen integraal vastgesteld evenementenbeleid. Hierdoor ontbreken kaders voor het maken van afspraken met organisatoren van evenementen. Het college wil graag beleid maken op dit gebied zodat er meer samenhang ontstaat in onder andere de onderwerpen vergunningverlening, facilitering, openbare orde en veiligheid, geluid, toezicht en handhaving, verkeer, eindtijden en communicatie. Daarom heeft het college een startnotitie evenementenbeleid opgesteld. Met de startnotitie vraagt het college aan de raad om zich uit te spreken over het nut en de noodzaak van een evenementenbeleid. Indien de raad met de startnotitie instemt zal een participatietraject starten waarin betrokken partijen worden geraadpleegd. Het gaat hierbij onder meer om organisatoren van evenementen, politie, VRU en RUD. De voorgestelde participatiestijl is consulterend: politiek en bestuur bepalen zelf de beleidsrichting, betrokkenen zijn gesprekspartner. De raad heeft uiteindelijk het laatste woord bij de behandeling van het evenementenbeleid in juni 2016. Het onderwerp is ook geagendeerd voor de Besluitvormende Raadsvergadering op 4 februari 2016.
Bijlagen
-
7
De afgelopen maanden is het overgrote deel van de woningen en niet-woningen in de gemeente Soest van een nieuwe WOZ-waarde voorzien. De nieuwe WOZ-waarden zijn vastgesteld naar waardepeildatum 1 januari 2015 en gelden voor het belastingjaar 2016. Uitgangspunt is dat de OZB-opbrengsten 2016 gelijk zijn aan de begrote opbrengsten 2015, vermeerderd met de trendmatige aanpassing van 0,8% en de opbrengsten uit areaaluitbreiding. De totale opbrengst wordt geraamd op (afgerond) € 7.973.000. De brief van de Waarderingskamer is (op het moment van verzending van deze agenda) nog niet ontvangen. De tarieven 2016 worden in de Besluitvormende Raadsvergadering op 4 februari 2016 definitief vastgesteld.
Bijlagen
-
8
In 2014 is het Gemeentelijk Duurzaamheidsplan 2010-2014 geëvalueerd. Daarna is met groepen uit de samenleving bekeken hoe het verder moet met duurzaamheid in Soest. In het Gemeentelijk Duurzaamheidsplan 2016-2020 is de visie en de rol van de gemeente beschreven. Daarna is ingegaan op de positie van de gemeente, de evaluatie van het vorige duurzaamheidsplan en zijn de trends en ontwikkelingen geschetst op het gebied van duurzaamheid. Vervolgens is per thema uit het vorige duurzaamheidsplan de huidige situatie weergegeven. Om de continuïteit van de duurzame ontwikkeling in Soest te waarborgen kiest het college ervoor om in dit nieuwe duurzaamheidsplan 2016-2020 de thema’s werken, wonen, leefomgeving en gemeentelijke organisatie te continueren. Het thema communicatie en educatie is als overkoepelend thema toegevoegd. Daarna is per thema de ambitie tot 2030 beschreven, de doelstelling tot 2020 geformuleerd en zijn de concrete projecten voor de periode 2016-2020 benoemd. De meeste projecten waarbij de gemeente een uitvoerende rol heeft worden uitgevoerd binnen de budgetten van de gemeentelijke begroting. Het college stelt voor om voor 6 projecten extra budget beschikbaar te stellen. Voor 2016 wordt € 52.500 gevraagd ten laste van het begrotingssaldo. Voor het jaar 2017 is € 42.500 extra benodigd en voor de jaren 2018 - 2020 € 52.500. Voorgesteld wordt om de middelen voor de jaren 2017- 2020 op te nemen bij de Kadernota 2017. Op 4 februari 2016 wordt de raad gevraagd het Gemeentelijk Duurzaamheidsplan 2016-2020 vast te stellen.
Bijlagen
-
9
In de raad van december 2014 is een evaluatie toegezegd van de compensatieregeling voor sociale huur. De ambitie van het college is om de huidige knelpunten weg te nemen of te verminderen. Daartoe is op 17 september in de Avond Samenleving gesproken met de heer Zijtveld van Van der Wardt Ontwikkeling, met de heer Majoor van de Hypotheker en met makelaar de heer Van der Wilden. Ten opzichte van de huidige volkshuisvestelijke norm stelt het college voor zowel het toepassingsbereik als de drempelbedragen te wijzigen. Voorgesteld wordt voor de kern Soest de norm te laten vervallen, maar voor Soesterberg de norm te handhaven vanaf een ondergrens van 10 woningen. Ook wordt voorgesteld het normbedrag voor een betaalbare koopwoning op te trekken naar een meer marktconform niveau en de koopprijsgrens vast te stellen op maximaal € 225.000. Voor de realisatie van vrije sector huurwoningen wordt voorgesteld de huurprijsgrens vast te stellen op maximaal € 950. Op 4 februari 2016 wordt de raad gevraagd te besluiten over de volkshuisvestelijke norm in Soest en Soesterberg.
Bijlagen
-
10
In 2008 is het GVVP 2008-2020 door de gemeenteraad vastgesteld. In de tussenevaluatie van het GVVP is de stand van zaken van de uitvoering in beeld gebracht en worden aanbevelingen gedaan over het vervolg van het GVVP gedurende de looptijd tot 2020. Het rapport bestaat uit de drie thema’s Bereikbaarheid, Leefbaarheid en Verkeersveiligheid, en uit de vervoerswijzen Voetgangers, Fietsers, Gemotoriseerd verkeer en Openbaar vervoer. Vervolgens worden conclusies getrokken en aanbevelingen gedaan. De belangrijkste conclusies zijn dat: - er onvoldoende middelen voor het realiseren van de maatregelen uit het GVVP zijn; - de prioriteitstelling gewijzigd is van risicomanagement naar incidentmanagement; - een visie vastgelegd in een GVVP meerwaarde heeft. De aanbevelingen zijn: - Behouden van het GVVP; - Ambities en doelen bijstellen omdat financiële middelen ontbreken; - Het uitvoeringsprogramma vervangen door een maatregelenpakket; - Teruggrijpen op risicomanagement in plaats van incidentmanagement. Het college stelt voor om aan hen opdracht te verlenen om de ambities en doelen van het GVVP bij te stellen met een maatregelenpakket dat past binnen de huidige financiële kaders. De raad wordt op 4 februari 2016 gevraagd hierover te besluiten.
Bijlagen
-
11
De GGDrU heeft de gemeente Soest verzocht de gemeenschappelijke regeling voor de GGDrU te wijzigen. De voorgestelde wijzigingen betreffen technische aanpassingen en bestuurlijke overwegingen. De bestuurlijk wijzigingen die voorgesteld worden zijn: - Het kunnen oprichten of deelnemen in privaatrechtelijke personen; - Geen zienswijze procedure bij technische wijziging van de begroting; - Het vaststellen van een liquidatieplan ingeval van liquidatie van de regeling. Het college mag pas toestemming geven voor het wijzigen van de gemeenschappelijke regeling nadat de raad toestemming gegeven heeft. Op 4 februari 2016 wordt de raad voorgesteld deze toestemming aan het college van b en w te geven.
Bijlagen
-
12Sluiting.